Maar al te vaak worden we geconfronteerd met klimaatklachten van personen waarvan de werkplekken te dicht op de glasgevel of buitenmuur staan gesitueerd. Hoe dient men nu om te gaan met deze klachten welke vaak wel gegrond zijn, en hoe staat de regelgeving hier tegenover.

Uit de praktijk weten we ondertussen dat klimaatklachten aan de glasgevel en of buitenmuren vaak niet oplosbaar zijn door de hoge mate van:

• Koude afstraling va het glas. ( winter )

• Zoninstraling via het glas. ( zomer )

Bovengenoemde factoren kunnen gedeeltelijk worden gecompenseerd, maar het klimaat buiten de leefzone is en blijft niet optimaal ten opzichte van het klimaat binnen de leefzone.

Definitie leefzone Dat deel van een verblijfsgebied waarin wordt voldaan aan de gestelde ontwerpcriteria ten aanzien van comfort, dat zich volgens NEN 1087 bevindt binnen:

• hoogte vanaf de vloer: 1,8 m

• afstand vanuit de uitwendige scheidingsconstructie: 1,0 m

• afstand vanuit de inwendige scheidingsconstructie: 0,2 m

Ofwel de leefzone is dat deel van het verblijfsgebied dat zich bevindt binnen:

• 1,0 m vanaf de buitengevel.

• 0,2 m vanaf de binnenwanden die het verblijfsgebied omgrenzen.

• 1,8 m vanaf de vloer;

waarin personen worden geacht te verblijven bij normaal gebruik van de ruimte.

Indien er klimaat / comfort klachten zullen ontstaan van personen welke zich buiten de leefzone bevinden is hier geen betere oplossing voor aan te dragen dan deze personen binnen de leefzone te laten functioneren. Alle andere oplossingen blijven lapmiddelen waarbij een goede werkomgeving wordt geprobeerd te benaderen.

Voor alle duidelijkheid is het ook zo dat de ARBO Wetgeving in Nederland verwijst naar de NEN1087. Indien men dus personen ter werk zal stellen buiten bovengenoemde leefzone voldoet deze werkplek niet aan de ARBO Wetgeving, en dient dus te worden verkomen.

 

 

 

download-pdf